Klief een stuk hout en daar ben ik

Fride Bonda Klief een stuk hout en daar ben ik
Datum 30 augustus

(Thomasevangelie 77)

Het is al jaren geleden dat ik met mijn oudste zoon naar een natuurweekend in een klooster ging.

De eerste avond gingen we in het donker naar buiten. Het was echt donker: geen licht van straatlantaarns, geen stadsverlichting aan de horizon, alleen de donkere lucht, de bomen, het pad dat we gingen. We werden uitgenodigd stil te staan en stil te zijn met wat er is. Horen, ruiken, voelen, zien. De vochtige nachtwind langs je wangen, de knisperende blaadjes onder je voeten, een nachtuil die roept, een vogel die opschrikt en weg fladdert.

Op de laatste avond was er een kampvuur. De monnik die ons begeleidde had een rugzak vol glazen en trappistenbier mee. Op de vuurplaats gingen de mannen hout hakken en de vrouwen zorgden voor hapjes. Een klassieke taakverdeling, die niemand hinderde. Ieder deed waar hij of zij goed in was en plezier in had. We hadden plezier met ons allen en dat gaf verbondenheid.

Ik denk dat de tekst uit het Thomasevangelie verwijst naar dit plezier en deze aandacht. Als je met aandacht doet wat je doet, dan wordt daarin de essentie van leven wakker. Een vrouw vertelde mij eens over het oergevoel dat ze had als een ze een stuk hout kloofde. Een oergevoel is verbinding met oude tijden en ambachten en vooral met het materiaal waarmee je werkt. Daarin kun je de essentie van leven proeven, je kunt daarin een goddelijke vonk beleven.

Een klassieke taakverdeling was er ook in de kerk. Mannen hebben de vloer geschilderd en vrouwen hebben taarten gebakken.

Toen ik eind juli voorging in Wolweverkerk in Zwolle was ik blij verrast te zien dat er taarten waren die mooi versierd werden. Het was een verrassing om mij welkom te heten na de lange afwezigheid van onze pelgrimstocht. Een warm onthaal van vrouwen. ‘Dit geeft ook verbondenheid tussen Doopsgezinden en Remonstranten’, zei één van de taartenbaksters.

Tijdens de pelgrimage had ik leuke gesprekken gehad met jonge mensen, die het waardevol vonden dat ik predikant was in een kleine geloofsgemeenschap (a little community). ‘Belangrijk dat die plekken er zijn, zeiden ze, omdat we in onze samenleving verbondenheid missen; in de steden waar we wonen, in het werk wat we doen.’ Ik was verrast door hun interesse in geloofsgemeenschappen. Het motiveerde me om, na onze tocht, dat aspect van kerkzijn alle aandacht te geven. Ik dacht ‘Ja, dat is waar we in Zwolle onze focus moeten geven, op verbondenheid.’ Verbondenheid met elkaar, iets waar we echt aandacht voor moeten hebben na de brokkelige jaren met o.a. corona, en gastvrijheid uitstralen naar iedere belangstellende die onze kerk bezoekt. Een kleine gemeenschap met gedeelde waarden van vrijheid, van ruimte om te geloven wat jou en anderen goed doet, een huis van inspiratie, waar mensen verbondenheid beleven en geïnspireerd raken om ieder op eigen wijze de wereld een beetje beter te maken.

Taarten bakken, vloeren schilderen, samen eten, het zijn vormen van verbondenheid waar je blij van wordt.

Laten we met elkaar wegen van verbinding inslaan. Vele, vele mensen in de wereld van vandaag missen dat en verlangen ernaar.

Fride Bonda

Agenda